E-pathologie

 

1. Uitgebreide perifere verlamming : monoplegie, syndroom van Guillain Barré;
 
2. Evolutieve aandoeningen van het centrale zenuwstelsel met een uitgebreid motorisch gebrek zoals bij voorbeeld multiple sclerose, de ziekte van Parkinson en de amyotrofische laterale sclerose ...;
 
3. Uitgebreide motorische sequellen van encefale of medullaire oorsprong (bijvoorbeeld: hersenverlamming "Cerebral Palsy", hemiplegie, spina bifida, cerebellair syndroom,...);
 
4. Sequellen van zware brandwonden ter hoogte van de ledematen en/of de hals tijdens de evolutieve fase;
 
5.  a) Agenesie van een lidmaat bij een rechthebbende jonger dan 18 jaar; 
     b) Globaal functioneel verlies van een lidmaat door amputatie, tijdens de aanpassingsperiode;
     c) Globaal posttraumatische functioneel verlies van een lidmaat, tijdens de evolutieve periode;
 
6. Spits- en klompvoet, bij een kind jonger dan 2 jaar;
 
7. Ernstige gewrichtsdysfunctie ten gevolge van : 
     a) hemofilie ;
     b) erfelijke bindweefselaandoeningen (osteogenesis imperfecta van het type III en IV, Ehlers-Danlos-syndroom, chondrodysplasieën, Marfan-syndroom); 
     c) evolutieve scoliose met een kromming van minstens 15° (of hoek van Cobb) bij rechthebbenden onder de 18 jaar;
     d) arthrogrypose ;
 
 8. Chronische auto-immune inflammatoire polyarthritis :
    1. Reumatoïde artritis
    2. Spondyloartropathie
    3. Juveniele chronische artritis
    4. Systemische lupus
    5. Sclerodermie,
    volgens de definities aanvaard door de Koninklijke Belgische Vereniging voor Reumatologie.
 
9. Myopathieën : 
    a) de progressieve erfelijke musculaire dystrofieën;
    b) de myotonia congenita van Thomsen; 
    c) de auto-immune polymyositis;
 
10. a) Mucoviscidose of geobjectiveerde primaire bronchiale ciliaire dyskinesie;
       b) Geobjectiveerde hyperproductieve bronchiectasieën;
      c) Irreversibele chronische obstructieve of restrictieve longaandoeningen met maximum MAMV-waarden van minder dan of gelijk aan 60 %, opgemeten in een tussenperiode van minstens één maand; bij een kind jonger dan 7 jaar kan de irreversibele ademhalingsinsufficiëntie worden vastgesteld op basis van een gemotiveerd verslag van de behandelende arts;
       d) Recidiverende pulmonaire infecties bij bewezen ernstige immunodepressie;
       e) Broncho-pulmonaire dysplasie met zuurstofafhankelijkheid gedurende meer dan 28 dagen. De met redenen omklede aanvraag van de behandelende kinderarts moet met name het verslag over de opneming in een dienst N omvatten;
 
11. Lymfoedeem van een lidmaat hetzij postradiotherapeutisch, hetzij na een radicale klieruitruiming;
 
12. Congenitaal primair lymfoedeem.